dinsdag 2 februari 2010

pictures Peru 1st time also online!

Link: http://s493.photobucket.com/albums/rr298/suuzz/Peru%202009/

pictures Costa Rica online - finally!

Everyone, sorry, I have been really slow the last few weeks, but as you might have guessed already, internet, especially Wifi is not available everywhere. But thank god for Peru where they have wifi in the places you'd least expect it! You can find the Costa Rica pictures on my photobucket webpage! http://s493.photobucket.com/albums/rr298/suuzz/Costa%20Rica%202009/

Ecuador

Loja-Vilcabamba
Door: kim

We kwamen in Loja aan om 12h 's nachts, dus we hebben daar de nacht doorgebracht.
Op het busstation van Piura hebben we 2 Engelsen ontmoet, die ook naar Loja moesten. De bus die we wilden nemen ging niet en toen moesten we 6 uur wachten op de volgende bus. Bij het gare busstation gaven wij onze tassen af en vertrokken wij met ons slaperige hoofd de stad in.
Piura is niet echt een plek waar je wilt wachten. We hebben verschillende koffies geprobeerd en een beetje rondgewandeld, maar uiteindelijk zijn we in een grasveld gaan liggen J. Hihi, echt grappig! Je mocht niet in het gras liggen, maar het duurde zeker 10 minuten voordat ze er iets van zeiden. En toen deden we net alsof we sliepen en geen Spaans verstonden. En pas toen ze met een tuinslang aankwamen, zijn we uiteindelijk opgestaan.. ehm.. nou ja, dat was dus heel grappig , had je bij moeten zijn :D.

Met de Engelse jongens hebben we een hostel gezocht en een kamer gedeeld. Loja bleek de volgende dag ook een mooie stad te zijn! Lijkt op Cuenca, ook een bergstad. En er was toevallig die dag ook een traditionele dans bezig, mooi om te zien! Al die prachtige klederdracht en kleuren..
We zijn laat naar Vilcabamba vertrokken. Wij bus geboekt en spullen daar bij het loket afgegeven. Bus gepakt en we hadden al zo’n voorgevoel allebei: zit de bagage wel op de bus??? Maar we waren allebei te lui om ernaar te kijken..
Dus uiteindelijk aangekomen in Vilcabamba, liggen onze rugzakken nog in Loja L en we hadden echt een shitty buscompany, dus wij een beetje over de zeik. Godzijdank hadden we de boards achtergelaten in een babagedepot! Maar het was allemaal geen probeem, er werd gebeld en de rugzakken zouden meekomen met de volgende bus. We hadden er een hard hoofd in, maar het is gelukt ook nog! De rugzakken kwamen veilig aan met de volgende bus! Wow! J
Izhcayluma was het hostel waar we daar verbleven, op een berg en zooo mooi! Het is bijna een soort resort, maar had naast kamers ook dorms en mooi ook! Grote kluisjes en het huis van steen en hout, deed me Oostenrijks aan, mooie badkamer, heel erg in evenwicht met de natuur.
We hadden een Nederlander op de kamer die op fietsvakantie was. Met hem en Melanie, een Parijse, hebben we de Mandango loop gelopen. Wow! Adembenemend mooi! Over een richel loop je bijna de hele tijd met aan beide zijden een die ravijn. Alleen was de bewegwijzering niet zoals in Europa, dus wij raakten de weg kwijt. De wandeling zou 4 uur duren, alleen hebben wij er 6,5 uur over gedaan. We hadden niet genoeg water en eten bij ons en dat maakte het wel een beetje minder, maar achteraf is het dan toch helemaal top!
Ook hebben we allebei een full body massage gehad! Wow! Dat is lekker! Met olie en heel erg Spa-achtig, mooie ruimte en uitzicht op de bergen. Ja en na dit geweldige resort in de bergen zijn we op weg gegaan naar Montañita. Eerst de bus naar Loja, daar overgestapt op de nachtbus naar Guayaquil (ergste nachtbusrit ever!! – slechte weg, veel bochten, beroerde vering, licht en muziek aan, warm een meer mensen dan zitplaatsen in de bus- De ergste, tot nu toe ;)) en toen met de eerste bus naar Montañita.



Montañita-1st time
Door: suus


In Montañita aangekomen werden we meteen door Hamilton en Isidro uitgenodigd om meteen in de auto te stappen naar San Mateo, waar een campeonatos (surfcompetition) plaatsvond. We waren nog niet helemaal wakker en bedankten vriendelijk en vroegen hem Ademar te bellen. We zouden in zijn Hostal, Local Point slapen de komende dagen omdat ons vriendinnetje Lisa nog niet in Montañita zou zijn, ze vierde haar verjaardag met haar vriend Brian in Baños. We installeerden ons in het hostal en gingen voor een surfsessie. De volgende dag hoorden we dat een goede vriend van Ademar, Lisa en Jonathan was doodgeschoten om onbekende reden en dat de begrafenis de volgende dag, 16 december, mijn verjaardag, zou zijn. Deze 29 jarige jongen uit Olon was lifeguard en collega surfleraar van onze vrienden. Wij kenden hem niet persoonlijk, maar desondanks was de sfeer duidelijk veranderd en waren we niet echt in de feeststemming. We gingen even uit en vlak na 12h zijn we gaan slapen. Op de dag zelf hebben we de meeste tijd besteed aan taart eten en surfen en taart eten. Toen wij bij Benito in La Entrada een taartje wilden gaan eten stranden wij op miraculeuze wijze in Olon waar wij de uitvaartstoet vanaf het strand naar de begraafplaats voorbij zagen komen. Honderden mensen waarvan vele met surfboard en een keiharde fanfare muziek trok voorbij en we waren indien mogelijk nog meer onder de indruk van de gebeurtenis dan daarvoor. Een beetje verslagen kwamen wij terug in het dorp en troffen daar Carlos en Mata Gato aan die voorstelden voor ons te gaan koken bij hun thuis in Manglaralto. We waren blij even uit de sfeer te ontsnappen en ergens anders te zijn. Bij Panadaria Locus haalden we later een chocolade taart op voor de avond en nodigden we wat vrienden uit om bij de bar van Ademar, Local Point een drankje en hapje te doen. Iedereen was wel toe aan een wat afleiding en voor ik het wist was de bar vol en werd er Cumpleaños Feeeeeeeliz gezongen. Ik deed een wens, blies het kaarsje uit en in no-time was de taart verdwenen. Samen met Israel en Ademar en 2 flessen Pedrito de Coco zijn we de avond begonnen en geëindigd totdat we niet meer rechtdoor konden lopen of dansen. De dag erna kwamen we eindelijk Lisa tegen en vertrokken we later die dag samen met John Londres en vele anderen naar Guayaquil om daar de premiere van Manuel Soriano’s 2e surffilm te kijken. De film (Instrumentos) was vele malen beter dan de vorige, Water Community, maar kan nog niet tippen aan het internationale niveau. Maar het is zeker een prestatie om als ‘local’ een film te maken over de surfscene in Ecuador, die nog in kinderschoenen staat als je het vergelijkt met de rest van Zuid Amerika. Desalniettemin zijn er aardig wat local surfers keihard onderweg naar de Zuid Amerikaanse top. Na de premiere hebben we onze vriendjes en vriendinnetjes tijdelijk gedag gezegd en zijn we vertrokken naar het noorden van Ecuador om eindelijk andere spots aan de kust te gaan surfen.

Canoa
Door: suus


Na de filmpremière zijn we in een taxi gestapt naar de Terminal Terrestre van Guayaquil en in de nachtbus naar Canoa gestapt. Daar aangekomen troffen we een grauw, grijs, regenachtig en verlaten Canoa aan. Weer wisten we niet wat we moesten verwachten en sjokten we met tas en boardbag de dirtroad af die stukje bij beetje op een modderpoel begon te lijken. In de hoop dat het slechte weer goede golven met zich mee zouden brengen spraken we onszelf wat moed in… Ach het komt door de regen, het zal hier vast wel leuk zijn…. (en ondertussen denken, ja hoor, jij denkt net als ik, wegwezen hier… of…waren we maar weer in Montañita…) Aangekomen bij hostal Bambu, aangeraden door Pim werden we geholpen door de uitermate ongeinteresseerde personeelsleden en kregen we een kamer aangewezen waar een gast nog zijn roes lag uit te slapen. We zetten stilletjes onze spullen neer en bestelden een ontbijt terwijl we naar een oceaan keken die veel weg had van onze vertrouwde noordzee. Grijs, zanderige beachbreak en messy golven en een windchop…. Zucht. Wat dóen we hier…. We informeerden tevergeefs links en rechts bij de locale surfers of het nog wat zou worden vandaag en er werd natuurlijk weer verteld dat we hier gisteren hadden moeten zijn. (Het wordt zo langzamerhand een klassieker.. ipv mañana is het ineens ayer) Na een flinke fruitsalade met koffie verkeerd (altijd goed) zetten we weer onze vinnen onder de boards, voorzagen we ze van een verse waxlaag en hebben ze ook maar in Canoa gedoopt. Een nieuw board vraagt er nou eenmaal om om gesurft te worden, ook onder Noordzee condities… Later die dag kregen we een nieuwe kamergenoot, de Nederlandse Marco, die op zoek was naar de perfecte locatie voor zijn Hostal/Hotel ergens aan de Zuid Amerikaanse kust. Ergens waar het gaat gebeuren, maar nog niet helemaal platgelopen is. Hij was een paar maanden op reis om zijn ideale spot te vinden en was flink bezig met vooronderzoek en was daarom ook niet vies van onze ongezouten mening over sommige verblijven.
Na 2 dagen waren we al prima geïntegreerd bij de locals maar vanwege de matige condities en weersomstandigheden vertrokken we al vrij snel naar onze volgende spot op de kaart, Mompiche.



Mompiche
Door: Kim


Om 14h vertrokken we uit Canoa en na 4 x overstappen, geld pinnen in Pedernales en een tostada en batido verder kwamen we om 18h aan in Mompiche, net voor het donker! We zijn neergestreken in het hostel Gabeal. Op zich goed hostel, alleen best prijzig voor zo’n klein dorp! (10 dollar pp).
Lekker vroeg gaan slapen en de volgende dag liepen we rond en werden we gesignaleerd door Figu, broer van Rasty uit Montanita en dus ook vriend van veel vrienden uit Montanita. Iemand had al doorgegeven dat we zouden arriveren, want we werden leuk ontvangen door Figu + friends en zijn de eerste dag gelijk gaan surfen in Portete, een eiland vlakbij Mompiche. Surf was messy, maar wel gezellig! Alleen Figu, Jota, Manuel en zijn vriendin Javiera en wij waren daar.
Volgende dag kwamen we Marco uit Canoa tegen! Echt grappig! Daarmee naar de point gelopen, die nog niet echt werkte, maar wel begon te werken. Maar we hadden helaas geen boards bij ons.. dus toen maar gewoon genoten van de mooie golven al zwemmend..
Woensdag daarentegen, toen werkte de point helemaal goed! Yeah! We hebben eerst ‘s ochtends bij de beachbreak gesurft wat al super was, en toen ‘s middags bij de point! Wow! Langste ritten ooit gemaakt! Het was zo tof om de golf op het juiste moment te pakken en dan af te rijden! Ik dacht gewoon even van, joepie! Ik kan surfen! J Daarbij zijn de locals, zoals over in Ecuador super vriendelijk en gunnen ze je ook jouw golf. Figu nodigde ons uit om de kerst in Mompiche te vieren en vroeg of we bij de –dag voor de kinderen- wilden meehelpen met de activiteiten. We mochten bij hem thuis blijven slapen. We hadden inmiddels daar al iedere avond gegeten en gechillt dus we kenden de omgeving. Het beviel ons wel, iedere avond lekker eten, gitaar erbij, liedjes zingen, kaarsjes aan (er is in Mompiche maar 1,5 uur stroom per dag vanwege het tekort aan regen)…
Verder had Figu een Indoboard, heel leuk speelgoed, het is zo’n plank op een rol, waar je je balans mee kunt oefenen. Dat was tof! Suus en ik kunnen allebei onze knie op het board leggen en weer opstaan en een hang 10 maken! Joehoe! Er zijn foto’s , dus bewijsmateriaal is er J

Kerst aan de kust
De kerst wordt hier op 24 december gevierd en niet zoals in Nederland op 25 en 26 december. De 24e staat de hele dag in het teken van de kinderen. Er worden snoepjes uitgedeeld, spelletjes gespeeld en er was een surfcontest voor junioren. ’s Avonds hebben wij kerst gevierd bij de bar van Morongo, iedereen had iets gemaakt, suus en ik pannenkoeken. Vooral het klaarmaken van de pannenkoeken was geweldig! Muziek hard aan en al dansend de pannenkoeken gebakken! Legendarisch en op en top Jut en Jul. We hebben de laatste dag Playa Negra gesurft. Dit strand heet Playa Negra, omdat het zand echt superzwart is, vanwege de titanium, dat in het zand zit. Dit was ook super! Het leek echt een ontzettende shorebreak, maar echt supergolven gepakt! Het zit ook allemaal in je hoofd ;) Suus had een spoelbeurt te pakken van AA+ klasse dus was flink door elkaar geschud, de close out shorebreak was niet altijd lekker, dus. Maar als je m wel hebt, wordt je echt afgeschoten, kick-ass-cool. Daarna, op 25 december zijn we onder luid protest van onze local friends de bus ingestapt om aan de lange reis naar Montanita te beginnen. Ver is het niet echt, maar de bus verbindingen zijn niet logisch. We stapten om 16.30 de bus in en om 07.30 de bus uit. Best de moeite weer.


Back in Montañita.
Door: suus


Saturday morning, way too early. After another back-killing bus ride we put ourselves, bags and boards at Tiki Limbo to have breakfast. It didn’t take long before we found our first friends passing by and we met Mitch (the Australian friend we met in Huanchaco). We called Lisa, who was still sleeping, and didn’t have a clue of who was calling at that time of the day. (That would be 10pm, which is, in my opinion an ok time to call) She gave directions to the house, and as always, it wasn’t that hard to find. Finally we had some time to catch up, sit down, get our stuff organized. We met Brian, Lisa’s boyfriend, who’s also from the U.S. We got our ‘happy weekend bags’ back from Ademar’s hostal and said hi to everyone. We were too tired to do anything but watch the sunset and went for a swim/bodysurf. We met Ben, Lisa’s friend from the US (a redhead, and tall as well, you can understand he sort of wasn’t hard to miss) The following days we spend surfing, watching sunsets, cooking at Lisa’s place, dancing salsa with professor Ben**, having colds and trying to avoid the crowd in the village center. It’s unbelievable what this place turns into in a short amount of time. It’s packed with Ecuadorians, art craft salesman, hippies and tourists that want to spend the holidays on the beach. We finally did a surf trip to Las Tunas and found a nice, tranquil beach with better waves when the waves in Montañita get to small. We watched the best sunset in Ecuador there and enjoyed the peace and quiet before we got back to madhouse Montañita. Old years we spend sleeping in, eating Brians homemade American pancakes, doing grocery shopping, surfing, watching sunset, cooking, watching the Viejos* and participating in the tradition of Montañitas surfers, a midnight surf. We got together at Ademars’ Local Point and paraded through the streets holding our boards up high, whistling and making lots of noise. By the time we got ourselves through the crowd we ran up the beach (which was ridiculously crowded too and started running circles around the bonfire. After a few laps we paddled out to sea and took off on our first wave of the New Year. I would call it a challenge, considering it is springtide, a covered full moon (means DARK) and lots of surfers paddling out, but unforgettable. After that we run around the fire again, whished everyone a Feliz Año and took off to take a shower, get dressed and join the party. If there’s one way to start a special year, this is it. We walked around, in the middle of the night on the street in bikini with a surfboard under our arms, under a sky covered in beautiful fireworks.
And here I am, January first, 10pm writing a blog because I can’t sleep. I should get back to bed. I will. As a matter of facts, right now. I’m off…..

*Viejos: A typical town tradition. Every ‘house’ that can afford themselves a Viejo will make one. These are dolls, representing something they encountered in the old year and do not want to take with them in the New Year. Getting rid of all the bad things. How? You burn them. That’s right! You spend days making this, sometimes pieces of art, and then, at midnight you set fire to them… Good thing we took pictures.

**Dancing with Ben: You cannot imagine anyone more unlikely to be a perfect salsa dancer/teacher than Ben. But he is, an excellent one, if you’d ask me. The reason why we stayed out, almost every night dancing was partially because of him. We started out dancing salsa and would continue with something Ben and Lisa called ‘awkward dancing’ this is how it looks like. Imagine yourself a beat. Got it? Ok 1,2,3… 1,2,3. Now start dancing. Off beat. And strange looking steps. And look seriously. That’s part of the game. And take over the dance floor and make sure everybody will think: Are they for real or is this just play? Then you’re there. Awkward dancing. You should try it.

Peru

Lima - boardhunting
Door suus


Op tijd vertrokken vanuit San José en met 4 uur vliegen in het vooruitzicht dachten wij dat we zeeën van tijd zouden hebben om ons te verdiepen in de Footprint South America en het blog bij te werken en en en… Nou niet dus. Wij zaten naast een Peruaans echtpaar (Tierry en Isabel) die een gezellig praatje begonnen wat de volledige 4 uur duurde. Heel veel verder dan een hostal in Lima zijn we niet gekomen. Maar dat was ook het enige dat echt nodig was. Op aanraden van Juan Carlos, die in Lima opgegroeid was kozen we voor de wijk Miraflores. Op de luchthaven aangekomen vroegen wij Tierry wat een taxi zou kosten en uiteraard werd ons een taxi tegen het dubbele tarief aangeboden. Totdat we Tierry en Isabel tegenkwamen en zij een taxibus naar de wijk Miraflores tot hun beschikking bleken te hebben, leek onze zoektocht weer op een Mission Impossible uit te lopen. (Toerist zijn is soms lastig) We kregen een gratis rit naar de wijk en bij het huis van het echtpaar kregen we een drankje en een rit naar ons hostal in de 30 jaar oude stationwagon.(goed bouwjaar) Ze vroegen ons woensdag te bellen om een sightseeing tour te doen.
Dinsdag zijn we gewapend met een hele berg tips en goede ideeën vol goede moed op zoek gegaan naar 2 surfboardjes. Van de ene naar de andere toko met taxi, lopend en een rit van een helpende surfleraar zijn we met een mooie omweg uitgekomen waar we begonnen waren, de Klimax store. Er bleek weinig keus te zijn in het genre ‘funboard’ maar we hebben allebei een mooi vliegend tapijtje kunnen vinden. De deal was gesloten en de volgende dag zouden we de boardjes op komen halen. Makkelijker gezegd dan gedaan, Kim werd ziek. Waarvan is nog steeds een raadsel, maar ze werd goed ziek. Dag 1 nog een beetje op bed hangen en filmpjes kijken. Toen we ’s avonds naar de film wilden gaan, zijn we nog even wat medicijnen gaan ophalen in de farmacia. Dat ging allemaal prima totdat Kim ineens flauwviel. Gelukkig ving ik haar op en was Netto (een van de receptionisten van het hostal, een reddende engel) er om het een en ander medisch spaans naar engels te vertalen. Met een handel medicijnen hebben we Kim weer in bed gestopt. De volgend dag leek het beter te gaan, we werden door Tierry en Isabel opgehaald om te gaan lunchen bij hun club in Barranco, de Regatta club. Dit bleek een superdeluxe, members only, alles erop en eraan sportcomplex te zijn met diverse restaurants. Na dit stukje decadentie (ik ben nog steeds onder de indruk van de 12 tennisbanen etc) is Kim even gaan liggen en heb ik buskaartjes naar Trujillo gekocht, de boards opgehaald (leve John van Klimax die mij hielp de ‘tablas’ 6 blokken naar het hostal te sjouwen), boodschappen gedaan en de tassen ingepakt. All set. Totdat Kim die avond nóg zieker werd dan de avond ervoor. Ik ben in allerijl naar het busstation gegaan om de tickets te annuleren, waar bleek dat ik net te laat was en de helft van het bedrag kwijt was…. Terug bij het hostal aangekomen bleken Kim en Netto met de ambulance naar de emergencia vertrokken te zijn. Netto belde even later om te vragen of ik naar het hospital kon komen om hem af te lossen, hij moest tenslotte werken. Daar aangekomen kreeg ik een lijst met medicijnen om aan te schaffen bij de farmacia in en om het hospital en deze zak met ingrediënten weer bij Kim af te leveren. Kim had amper door wat er aan de hand was, maar kwam een half uur later na een dubbele injectie weer met open ogen de wachtkamer inlopen. Ze riep ‘Ik ben er weer!’ en dat was gelukkig ook zo. De volgende avond is het ons toch nog gelukt om een bus te pakken en hebben we, iets later dan gepland, toch Lima verlaten.


Huanchaco
Door Kim & Suus


Huanchaco is een klein vissersdorpje aan de kust van Peru.
We hebben ons best wel gehaast om er snel te zijn, omdat we ene Sylvia en wat van haar vrienden uit Montañita daar zouden ontmoeten. Het zou een heel klein dorpje zijn met maar een paar huizen en 1 surfschool, dus we zouden ze makkelijk kunnen vinden… De afspraak was: Vraag naar Carlos (Hier in Zuid Amerika heet iedereen Carlos..), hij heeft een surfschool met een hostel erboven, naam ervan onbekend, maar heel makkelijk te vinden, dus het komt helemaal goed.
Ok.. er waren wel 10 surfscholen en niemand kende de surfschool van Carlos en die Sylvia uit Montañita konden we ook niet vinden. Dus daar zaten we dan.. In Huanchaco.. Pff.. wat moesten we daar nou weer doen?? Het kwam op ons over als een suf dorp middenin de woestijn. Nou.. het bleek echt een superleuk dorp te zijn! Erg tranquilo, maar sfeervol! Het was nog echt een vissersdorp met surfers i.p.v. andersom. In het Hostal Naylamp, wat veel te ver van de surfbreak bleek te liggen kwamen we Carl tegen, een echte Australische surfdude. Of eigenlijk liep hij tegen ons aan en bleef hij ons volgen voor de rest van de tijd dat we er waren J.We wisselden gezamenlijk naar Casa Suiza, wat wel goed gelegen was. Hij reisde alleen en via hem leerden we Diego en Noora tegen, zo zijn we met Diego en Carl naar Chicama gegaan, de langste linkergolf van Zuid Amerika, als ie werkt. Hij werkte jammer genoeg niet helemaal, maar we hebben ons er wel goed vermaakt. Vooral het uitzicht vanaf de klif naar de wereldwijd bekende break is fabuleus, het is net een machine, tot wel 5 swellines achterelkaar! In Huanchaco hebben we onze gloednieuwe Klimax boards voor het eerst uitgeprobeerd. We moesten wel even wennen, het board was korter, smaller, dunner en sneller dan we gewend zijn. Ondanks het koude water (wetsuit aan) en de uitermate pijnlijke stenen in de branding vonden we Huanchaco erg tof om te surfen! Ik heb er mijn grootste golf tot nu toe gesurfd, erg tof!
Ook zijn we met Diego, Noora en Carl naar Chan Chan (een ruïne van een volk dat voor de Inca’s leefde) gegaan. Diego is een local en hij woont samen met Nora uit Finland.
Van buiten ziet het er saai uit, maar binnen zie je erg veel mooie schilderingen of eigenlijk uitgehakte vormen, erg mooi! Het is een soort paleis met daaromheen een stad geweest, waarvan nog lang niet alles blootgelegd is. Diego had ons uitgenodigd voor een diner op de laatste avond dat we er waren en dat was erg gezellig! Een meisje, Grace, ontmoet dat eerst in Montanita heeft gewoond en nu dus in Huanchaco woont en surft. Zij kende alle mensen die wij ook kenden uit Montanita, erg grappig. Uiteindelijk ook Carlos Nacariño ontmoet, die een surfschool met daarboven een hostal had, dus waarschijnlijk degene die we moesten zoeken in het begin. Ook hij heeft in Montañita gewoond en kent iedereen daar. Ook weer heel toevallig, maar we vielen pas echt om van verbazing toen hij het had over Scheveningen… Het bleek dat hij de laatste 3 jaar een half jaar in Nederland gewoond had… En ons vriendinnetje Sabine kent. Kortom, daar zijn we nog niet vanaf ;) Ondanks dat we in Huanchaco een fantastische tijd hebben gehad hebben we het weer niet echt bont gemaakt en zijn we weer niet tot laat uitgeweest. Na al dat surfen en eten waren we zoals altijd gewoon moe en wilden we geen enkele ochtend sessie missen. Ik heb wel helemaal Jenga herontdekt, ­echt leuk! Met Carl gespeeld en toen hebben we de grootste stapel ooit gemaakt! Cool! Ja die Carl was een leuke gast, alleen kon hij ook erg klagen! We leerden van hem een nieuw woord: Winging, klagen, haha.
Verder liepen we ook nog Mitch tegen ’t lijf, een andere Aussie boy van de Goldcoast, opgegroeid met surfen en ook van hem kwamen we moeilijk af.. nee zonder dollen, het was altijd leuk met de jongens. In Huanchaco wonen ook veel Nederlanders, zo ook een Nederlandse uit Adam die een lunchzaakje, Chocolate, daar had. Ze zou er ook worteltjestaart hebben, waar wij iedere dag naar vroegen (bakker, heeft u ook worteltjestaart….) maar uiteindelijk heeft ze het nooit gemaakt toen wij er waren L. Zo begon onze zoektocht naar ‘torta de zanahoria’ (worteltjestaart). Ze had wel oma’s appeltaart, die aardig o.k. was, maar die zeker niet naar oma smaakte en al helemaal niet naar de taarten die wij bakken. Het heeft uiteindelijk nog 2 weken geduurd voordat we de carrotcake hebben kunnen vinden.. ;) Die, nou ja, we houden er over op, we bakken er zelf wel 1 als we terug zijn.
Na 5 dagen vonden we het wel weer mooi geweest en zijn we met de nachtbus naar Piura vertrokken richting de grens met Ecuador.

vrijdag 4 december 2009

K3 in Costa Rica!

San José
Lalalala leuk met z’n 3en! We zijn maandag ochtend geland en hebben de hele middag even aan onze internet verslaving toegegeven. We zitten in een leuk hostal in een minder leuke stad, San José is een inspiratieloze stad zonder stadshart of ziel. Door het vele, jonge, winkelende publiek voelden wij ons weliswaar wel thuis. We zijn op zoek gegaan naar Spoons waar we heerlijke koffie en carrotcake op hebben en we ons weer heel even in de UEB * waan­den. Na deze goddelijke traktatie zijn we op tijd richting hostal gegaan waar we gekookt en gesocialised hebben met de andere reizigers. Het reizende publiek in Costa Rica bestaat voor een heel groot deel uit Amerikanen, die hier vaak maar voor een week of weekend naartoe gaan. Het verschil met Cuba is bizar, veel verkeer, heel veel reclame en vlakbij ons hostal een Wendy’s, KFC, Mac en Taco Bell, net de USA dus. Ik zie het niet als een voordeel. De volgende dag hadden we zowaar een georganiseerde excursie, maar omdat Madeleine pas laat in de avond zou arriveren en wij niet de hele dag in de stad wilden rondbanjeren kozen we voor deze dagtour. We zijn met een Canadees en een Amerikaan (die eigenlijk uit India kwamen, allebei, toevallig) naar de Arenal Vulkaan gegaan i.c.m. een bezoek aan de natural hot springs. We vonden de excursie wel erg duur, maar ja, de kans om ’s avonds de vulkaan te zien uitbarsten (wat hij heel vaak doet) leek ons geweldig! Dat we vervolgens in een 5 sterren resort met meer dan 20 pools en een fantastische tuin terecht zouden komen hadden we niet kunnen voorspellen. We hebben een hele middag heerlijk in alle hotsprings gehangen, beesies gekeken (leguaan en kolibri’s) van de prachtige omgeving en het uitzicht genoten en van de glijbaan gevlogen op flying carpets J Feet first, head First, head first backwards….natuurlijk was dat eigenlijk het hoogtepunt!!! De vulkaan deed natuurlijk helemaal niets, maar het heerlijke diner maakte alles weer goed. Om half 12 stond Madeleine voor de deur van onze kamer, het blijft vreemd om ineens een vriendin aan de andere kant van de wereld te zien! We zijn vrijwel meteen gaan slapen, de volgende morgen waren we op weg naar Jaco.
(*UEB Urban Espresso Bar in Rotterdam)

Playa Jaco
Als je er niet móet zijn, ga er dan ook niet naartoe.
Dit was de wijze raad die we van vele Costa-Rica reizigers die ons voorgegaan waren, gekregen hebben. Het is een drukke, onaangename en onveilige kustplaats waar je als relaxte laid-back surfer helemaal niets mee kan.
Ondanks deze wijze raad hadden wij een adresje, ‘wow surf ‘van Chuck, omdat hij een relaxte deal voor een paar boards zou maken. Via Dan van Global Surf Industries was t allemaal geregeld. Maar zoals het in de surfscene gebruikelijk is regelen we dingen wel ‘ns half i.p.v. helemaal ;) In Jaco aangekomen bleek Chuck net een paar dagen in San José te zitten en had hij voor t gemak z’n cellphone uitgezet. Niemand wist van onze komst, dus we zijn een paar uur bij een relaxt koffie tentje gaan zitten wat door een Argentijns/Frans stel gerund werd. Gewapend met alle info over surfen in Costa vanuit wow (walking on water) en een heerlijk broodje, koffie, sapje en koekjes van de Argenijnse cuisine zijn we op de volgende bus gestapt (keurig aangehouden door de Argentijn) richting Manuel Antonio.

Manuel Antonio
Door de bus boven op de heuvel afgezet en met die nog steeds even zware of misschien wel zwaarder geworden tas de heuvel af gestampt naar Hostal Vista Serena, waar het uitzicht inderdaad uitermate indrukwekkend was. We dachten nog even naar het strand te gaan maar na een half uurtje lopen ging ineens de zon onder om kwart over 5! Leuk fotograferen, maar ja, dat strand ging niet helemaal lukken dus. Het bleef dus bij een relaxt avondje op het terras bij het hostal met een cuba libre, uiteraard met de ‘havana club rum’ uit, hoe kan het ook anders, Havana. In onze dorm met zo’n 20 stapelbedden en maar 1 badkamer was het gezellig druk, gelukkig waren niet alle bedjes bezet, anders ben je nooit aan de beurt om te douchen… De volgende morgen hebben we onszelf verwend met een goed ontbijt bij Milagro, waarna we de bus naar N.P. Manuel Antonio namen. (ik moet er van de meiden even bij vermelden dat toen we wilden betalen bij Milagro we op een misverstand stuitten. Wie heeft het geld? Uh, jij zou toch geld mee nemen? Nee, jij zei toch dat je geld mee had.. Goed, na met alle beetjes bij elkaar konden we nét de rekening te betalen moesten we dus teruglopen naar het hostal en weer terug naar de bushalte…. Zucht) Met een gids zijn we door het park gelopen, zodat we niets van de wildlife zouden missen. De gids had een telescoop bij zich waardoor we veeeeeel meer gezien hebben dan zonder. Capuchin monkeys, luiaards, vlinders, leguanen, hagedissen, landkrabben, wasberen, slangen en nog veel, veel meer. In het NP liggen ook een aantal stranden die op z’n zachtst gezegd idyllisch zijn. Prachtig wit zand, palmbomen, begroeide rotsformaties en een heerlijke rust. We hebben onze outdoor kleding in een boom gehangen, onze wandelschoenen in het zand geparkeerd en zijn heerlijk onder een boompje in de schaduw gaan zitten. Het water was een lekkere verkoeling na de tropische hitte van de wandeling door het park. Dat we een beetje overdressed waren viel verder niemand op, wij waren in de veronderstelling dat we dwars door het woud met machete zouden lopen, maar we hadden ook op onze slippers over het geplaveide pad kunnen slenteren. Op t strand ontstond de dagelijkes competitie van de gedeelde hobby van Madeleine en Kim , het verzamelen van schelpjes… Madeleine vond echter tussen de schelpjes ook een schorpioen! Kim kwam op me afgerend,’Snel, pak je camera, Madeleine heeft een schorpioen!!!’ Ik zag haar me tegemoet lopen met aan een lange stok een schorpioen. Er kwamen op dat moment ook net 2 kustwacht rangers aan lopen, die zich afvroegen of het klopte wat ze zagen. Het duurde heel even voordat we het allemaal doorhadden, het ding was namelijk van plastic! Whahaha, wat een grap en we waren er allemaal ingestonken! Na een paar uur vechtende heremietkreeftjes* bestuderen we onze moed bij elkaar geraapt om dit paradijselijke strandje te verlaten en zijn we weer richting Milagro gegaan voor een dinertje, in de achtertuin van dit tentje. Hier zagen we vervolgens dezelfde aapies lopen als in het park! Nou moe…. Getraint oog zeker… Daarna zijn we naar Barbaroja* gegaan om de zonsondergang daar te kijken, deze tip kregen wij van de kustwachters. En het was zoals al gezegd prachtig, een baai met op de rots een vuurtoren en een lucht in alle kleuren van de regenboog. Na de schemer betrok de lucht meteen en werden we overvallen door een tot nu toe, onovertroffen regenbui. Iedere keer als we dachten, veel harder dan dit kan het niet regenen, wisten de wolken er nog een grotere hoeveelheid water uit te persen! De regen ging gepaard met een flinke onweersdonder en bliksem die alsmaar dichterbij kwam. Totdat er een oorverdovende klapper kwam en alle stroom uitviel in Barbaroja. Tijdens de klapper keken we elkaar aan en vlogen allemaal een halve meter boven onze stoeltjes uit, alsof er een chinese duizendklapper-bom afging! Vervolgens werden er overal kaarsjes aangestoken en hebben we min of meer noodgedwongen een paar uur op het overdekte terras van Barbaroja doorgebracht. Totdat ons geduld op was en we een taxi naar het hostal genomen hebben. Niet dat we smelten van regen, maar de weg is volledig donker en een drukke verkeersweg, dat bij elkaar opgeteld kozen we voor dit luxe alternatief van een rit van nog geen 5 minuten.
(*Barbaroja betekend rode baard)

Quepos / canopying
Voordat we naar de volgende bestemming vertrokken moesten we nog even iets doen... We zijn de boom ingegaan met canopying! We werden opgehaald met een busje en gingen samen met een Amerikaanse vader en zoon op tour. Onze instructeur ‘monkey’ en zijn 2 collega’s waren onze gidsen en hulp zodat wij via 12 staalkabels van platform naar platform konden zwieren, dwars door de boomtoppen, bergen en middenin het secundaire en primaire regenwoud vlakbij NP Manuel Antonio. Het gaf een heerlijke adrenalinekick om op deze manier middenin de natuur te zijn. We hebben echt heel hard gelachen, foto’s en filmpjes gemaakt en nog dagen nagenoten van de spierpijn J

Dominical
Op naar de relaxte kustplaats Dominical. Bussie in, bussie uit, tasje mee, warm. In Dominical aangekomen hebben we onze tassen gedropt in het chille hostal Antorchas (duurde 3 dagen voordat ik die naam kon onthouden) en zijn we bij Tortilla Flats aan de tortillas en bocadillas gegaan. Deze enige lunchtoko aan het strand zat volgepakt met surfers die honger hadden en niet te ver bij hun geliefde golfjes vandaan wilden zitten. Uiteraard begon het 5 minuten na binnenkomst keihard te regenen en veranderde de zee in 1 grote klotsbak waardoor we het surfen op die dag wel konden vergeten. Wel zijn we op strooptocht voor boards gegaan en ook daarin waren we snel geslaagd. ’s Avonds in de keuken van ons hostal stonden 3 israeli’s te koken en hebben ons er van overtuigd dat wij wel degelijk honger hadden en dat we toch echt moesten meeëten. Dat ik de naam van de maaltijd niet onthouden heb zal niemand verbazen, maar het was wel erg lekker. Met de cubaanse chocolade en costaricaanse melk even een chocomelk gemaakt en daarna zijn we zoals altijd vroeg naar bed gegaan. (Als het om 5.15pm donker is lijkt het om 10 uur al middennacht, wel staan we dagelijks tussen 6 en 7 naast ons bed, want het is ook vroeg weer licht) De volgende morgen bleek er in de achtertuin een Toekan in de Papaya boom te zitten waar de japanners K+M een vracht foto’s van geschoten hebben. En terecht! Hoe vaak zit er een Toekan in je achtertuin?!
Yeay, eindelijk surfen! Board geregeld, de zee in! Ik was relaxt naar de line-up gepaddelt waar ik al snel de eerste, goede en hoge golf te pakken had. Na een paar op-en-neertjes naar de line-up kwam ik helaas op het ideale spoelpunt terecht waar ik spontaan aan het liedje ‘ademnood’ moest denken. Na 2x flink in de wasmachine gezeten te hebben was m’n hele lijf lam en kwam ik er achter dat ik 1 van mijn 3 vinnen vrijwel volledig kwijt was (rotsje). Nadat ik een nieuw vinnetje had gefixt ben ik veilig in de groene golfjes en t schuim gebleven bij Madeleine en Kim. Voor mij was het verder eigenlijk wel klaar. Het was voor ons allemaal een typische inkom dag en daarmee dus echt een dag om te vergeten. Bij het inleveren van de boards bleek de shop waarbij Kim en Madeleine hun board gehuurd hadden al dicht waar de legitimatie van Kim nog in lag. Met een telefoontje kwam een kwartiertje later de eigenaar en was dat uiteindelijk ook geregeld. ’s Avonds nog even gekookt een een Canchanchara gemaakt en wederom op tijd bed in. De volgende morgen voor de zoveelste en zeker niet de laatste keer de tassen ingepakt om naar Punta Banco te vertrekken.

Rancho Burica – Punta Banco
Door Kim:
Rancho Burica ligt aan het einde van de weg in Punta Banco. En dan bedoel ik ook echt einde van de weg, want hier houdt de weg ook letterlijk op J.
S ochtends zijn we om half 11 vertrokken uit Dominical. In Ciudad Neilly van bussen gewisseld, de andere bus stond al klaar, zoals altijd. Deze eerste rit van 4 uur was heel relaxed, we hadden alle plek en ook onze grote rugzakken konden er makkelijk naast. Maar toen moesten we opeens in een superdrukke schoolbus gaan zitten. Ik zag nog net 3 plekjes voor Suus, Madeleine en mij. Madeleine en ik werden helemaal door elkaar geschud, omdat de weg zo hobbelig was. Na een uur kwamen we erachter dat we op de band zaten :( . Toen we een plekje midden in de bus bemachtigd hadden, ging het gelijk beter met ons. In Conte moesten we nog 1 keertje overstappen op de bus naar Punta Banco. Tijdens deze superhobbelige rit weer zagen we een supermooie zonsondergang. Halverwege deze busrit moesten Suus en Madeleine naar het toilet. Ik kwam er toen achter, dat als je op je knieën gaat zitten, dat je dan meer vering hebt en dus minder last van de hobbels J, wij met zun allen op onze knieën zitten, we hebben zo gelachen!
Rond 18h kwamen we dan eindelijk aan op de Rancho, waar we meteen aan mochten schuiven voor het diner. Wat is dat een heerlijke plek! We zijn hier dan ook 7 dagen blijven hangen. We hebben 6 dagen gesurft. Helaas was de surf niet heel goed, maar we hebben ons toch erg goed vermaakt! Lekker oefenen en voor mij ook weer even inkomen, want ik had al 2 maanden niet gesurft! Maar het ontbijt en avondeten en de plek maakten alles goed. Midden in de jungle met een gigantische tuin waarin aapjes en exotische vlinders zich vrijelijk voortbewogen. En de kokkin maakte er elke dag weer een feestje van, s ochtenden met pinto, dit is een typisch Tico gerecht: rijst met bonen, maar dan lekker gekruid, zelfgebakken brood, vers fruit, gebakken banaan en gehusselde ei. S avonds allerlei lekkere gerechten, een soort mix van Nederlands en costa ricaans, waarvan de gehaktballen echt het beste waren!
Op de Rancho kun je eigenlijk alleen maar relaxen, maar ik ben altijd nieuwsgierig en vol energie, zoals sommigen van jullie al weten, dus ik heb naast relaxen ook nog de volgende avonturen beleefd: een fietsritje op een beachcruiser van 3 kwartier naar Pavones, een paardrijdtocht van 5 uur dwars door de jungle/rainforest (heel vet), naar het uitkijkpunt gelopen, een wandeling gemaakt door een natuurpark, de waterval beklommen en stukken strand afgewandeld. Gelukkig had ik Madeleine als metgezel, ook zij is altijd lekker nieuwsgierig. Suus werd helaas bijna alle dagen geveld door een venijnige verkoudheid, dus zij heeft het wat rustiger aan gedaan.
Nog even over die paardrijdtocht. Dit was echt heel bijzonder, we hebben over het strand gegaloppeerd! En heel steil bergen beklommen en afgedaald OP PAARD! Dit was spannend! Supermooie uitzichtpunten! Wow, als ik er nog aan denk, zo mooi!
We hebben daar ook leuke Nederlanders ontmoet, op de Rancho, een stel uit Rotterdam en Den Haag, die ook nog 8 maanden op reis zijn over de hele wereld en nog 2 jongens uit Capelle aan de IJssel, die lekker leerden surfen. supergezellig! Ook nog een filmavond geregeld J. Ja met pijn in ons hart verlieten we de Rancho weer, maar toch overheerste de nieuwsgierigheid naar nieuwe plekken in Costa Rica, dus dit was uiteindelijk ook goed. We hebben in ieder geval de hele Rancho Burica experience beleefd! Zeker een aanrader voor iedereen die van relaxen, mooie natuur en golven houdt ;) De lange linker golf van Pavones liet niet van zich horen tijdens ons verblijf, dus blijft op de to-surf-list staan.
PS. Ruby en Britta, super bedankt voor de gastvrijheid en de geweldige momenten (hangmatschommelen, nepkanoën, voetballen, foto’s maken, ijsjes halen en hondje spelen) met jullie kids Midas en Desa.

Via Panama naar San José?
4 uur ’s morgens, Rancho Burica is in diepe slaap. Bij K3 gaat de wekker. Ananas! Wordt er gefluisterd en met een halfbakken lachje wrijven we de slaap uit onze ogen en rekken we ons uit. De klamboe wordt voorlopig voor de laatste keer geïnspecteerd op ongedierte en opgevouwen. De koude douche slaan we ditmaal met liefde over omdat er een spin van 20 centimeter met een dik, vet, behaard, zwart lichaam zijn intrek op ons douchegordijn heeft genomen. Die willen we niet tegenkomen tijdens t douchen met een hoofd vol met shampoo. De buschauffeur is inmiddels ook wakker en heeft rochelend en rokend de andere douche in gebruik genomen. Gemiste kans. Hoofd onder de kraan dan maar en tas inpakken. Zonder noemenswaardig ontbijt stappen wij de voor de deur geparkeerde schoolbus in en beginnen wij om 5 uur ’s morgens aan onze lange busrit. In Pavones stopt de chauffeur bij de plaatselijke buurtsuper voor zijn dagelijkse koffie en zo hobbelen wij voort, mee in het dagelijkse leven van de buschauffeur. We stappen hier en daar over op een andere bus totdat we in Paso Canoa aankomen en ineens douane beambten tegenkomen. Mmmm.. zijn we dan ongemerkt de grens overgestoken gaat er door ons hoofd? Nou ja, we zien wel, het komt toch wel goed. En dat kwam het ook, terwijl alle locals hun aankopen moesten aanpakken konden wij met een lief lachje en het antwoord: “Wij zijn niet in Panama geweest” gewoon doorlopen. De bus zou echter helaas niet zoals eerder vermeld om 3 uur maar om half 6 in San José aankomen, soms valt het dus niet helemaal mee, maar zoals tijdens iedere busrit cross-country was er genoeg te zien en beleven, dus echt vervelen zat er niet bij. Aangekomen in S-J hebben we onze cooking-skills geüpgrade en zijn we na een wasje weer in een diepe slaap gevallen.

Naar de Caribische kust – Jah man…
Fijn! We mogen weer weg uit die lawaaiige stinkende stad. De overgang ‘oase van rust’ naar ‘downtown SJ’ was te groot. Dus om 10h stonden we alweer op de caribische terminal. De bus stond klaar, we gooiden onze ‘happy weekend tassen’ erin en vliegen maar… Ho stop. Nee deze bus is vol, dus je moet de bus van 12h nemen meldde de buschauffeur… Owkee. Balen, nou ja… Kim kocht kaartjes en kwam met de bekende ‘ik heb t weer geregeld smile’ terug. Hee jonges, ik heb kaartjes voor de bus van 10h, we hebben alleen geen zitplaats.. Of dat een goed idee was wisten we niet echt maar we stemden in en zo zat K3 toch nog met de ‘happy weekend tas’ in de bus van 10h. Al snel hadden we van de tassen een lounge bank gemaakt en zaten we al swingend met een ipod en vol goede moed aan de kust. De rit van 4,5 uur vloog voorbij en zo stonden we tussen de Rastas in Puerto Viejo de Talamanca. Madeleine en Kim vonden een leuk optrekje bij een Duits echtpaar, genaamd Vista Verde. Na een rondje in het dorp zijn we geland bij de plaatselijke beste pizzabakker. Dit bleek een rasechte italiaan te zijn die, vreemd genoeg, zelfs in het bezit van parmaham en rucola was! Aangename verrassing! De volgende dag hebben we fietsen gehuurd bij ‘het beste fietsenverhuur bedrijf surfrentals’. De canadese eigenaar verzekerde ons dat we bij het beste, wellicht iets duurdere bedrijf waren en dat we zeker moesten gaan snorkelen. Je voelt ‘m al aankomen, het viel een beetje tegen. Op onze 3 beachcruisers zijn we naar Manzanillo vertrokken, waar we even rondgekeken en gegeten hebben. Toen we weer wilden vertrekken bleek dat we van 1 van de sloten niet de passende sleutel hadden. Natuurlijk geloofden we Kim niet en probeerden we iedere sleutel op het betreffende slot (zo’n krulslot, heel jaren 90 maar werkt blijkbaar wel), met als conclusie: op slot, zonder sleutel. Na even rondvragen, zonder succes bij de plaatselijke, uitermate ongeïntresseerde bevolking kwamen we Ben op de scooter tegen. Deze ADHD Canadees (wederom!) hielp ons uit de brand, toverde ergens een flinke betonschaar vandaan en ons probleem was in no-time opgelost. Hij boodt ons een colaatje aan om onze shittyday goed te maken. Hij vertelde ons over het uitkijkpunt van het National Park van Manzanillo en samen met een Noorse backpacker en Ben zijn we naar het uitkijkpunt gelopen. Toen Kim en Madeleine op schelpenjacht gingen ben ik met de heren naar t punt gegaan. ’t Uitzicht was prachtig, vanaf een rotsformatie met links en rechts witte palmenstranden met een regenwoud op de achtergrond. Na een paar minuten zag ik een man recht voor de point in het water liggen wild zwaaiend met zijn armen. Hij was door de stroming vanaf de baai meegezogen en recht voor de rotsformatie beland. Ik riep dat hij rustig moest blijven en zich door de stroming mee moest laten voeren naar de andere kant van de rots en vooral niet er tegenin moest gaan zwemmen. Hij riep okay en bij de volgende golf was hij verdwenen. Er schoot op dat moment van alles door mijn hoofd; Waar is hij? Moet ik er achteraan? Komt dit wel goed? Maar tegelijkertijd wist ik dat de stroming, het rif en de messcherpe rotsen mijn kansen niet erg groot zouden maken. Ben en de Noor waren op dat moment op het andere strand… Godzijdank kwam de gast weer boven en riep al lachend en proestend: Sorry about that! Waarop ik antwoordde: Don’t be sorry, you almost got yourself killed, what where you doing out there? Het bleek dat de amerikaanse Microsoft programeur dacht even een stukje te gaan zwemmen. Bizar! Dit was echt bijna de laatste plek waar ik lekker zou gaan zwemmen, maar goed, ik weet weer niets van programma’s schrijven. Nadat Kim en Madeleine met hun schelpen collectie het punt bereikt hadden zijn we weer vertrokken. De fietstocht verliep voorspoedig, bergje op, bergje af totdat Madeleines ketting eraf vloog. Het nadeel van een fiets met terugtrap rem is dat deze niet werkt als de ketting eraf ligt. Wat dus inhoud dat je gewoon keihard rechtdoor gaat… Gelukkig bereikten we een redelijk vlak stuk en kon ik rennend met m’n fiets aan de hand haar stuur pakken en stoppen. Geweldig. Weer wat mis met de fiets. Met instructies van ‘fietsvakantie-Kim’ lag de ketting er in no-time op en vervolgden we met zwarte handen onze weg. Na een stop om een overstekende schildpad terug het moeras in te zetten kwamen we tot de conclusie dat we never nooit op tijd bij de fiets-canadees zouden aankomen. We fietsten naar de bakker-zwitser en belden de shop dat we later kwamen. Geen probleem. Het nadeel was dat het inmiddels donker was en straatverlichting bijzonder zeldzaam is. Als klap op de vuurpijl begon het ook zachtjes te regenen en vlogen de modderspetters in de rondte toen we al put-hole ontwijkend slingererend over de dirtroad fietsten. Baggerzwart en met met olie handen leverden we teleurgesteld onze fietsen en niet gebruikte snorkels in bij de fiets-canadees. Als troost kregen we een vaas bloemen en de volgende dag gratis fietsen en snorkels. Of we daar van gebruikt zouden maken was de vraag want er stond een surfdag op het menu. We wilden gewoon geld terug, maar dat feest ging echt niet door. Na een relaxt avondje zijn we weer vroeg in bed gekropen. De volgende dag bij de fiets-canadees aangekomen bleek hij er niet te zijn en zijn plaatsvervanger wist van niets en had geen interesse in ons verhaal. Omdat we eigenlijk toch wilden gaan surfen zijn we een kijkje op Playa Negra gaan nemen, daar zouden we mooie beginnersgolven vinden. We troffen echter een kniehoge rimpel aan waardoor onze surfmogelijkheden bekeken waren. Na een heerlijke koffie bij Caribean, een eco-bio-logische koffie handel zijn we nog even een kijkje gaan nemen bij de surfers op Salsa Brava. Op deze bizarre golf die vanuit het niets uit het rif komt surfen alleen locale durfals. Tot onze opperste verbazing waren en zelfs 2 sup’ers die staand de golf inpeddelden, bottomturns en floaters maakten. We stonden letterlijk met open mond te kijken en hebben het maar gefilmd zodat we het later ook nog zouden geloven. Teruggekomen bij de fiets-canadees zijn we gewapend met fietsen en snorkels naar Punta Uva vertrokken om te snorkelen. Na even zoeken hadden we uiteindelijk het koraal en de Nemo’s gevonden in alle kleuren van de regenboog. De dag vloog voorbij en voor we het wisten zaten we de volgende dag alweer op de bus naar Cahuita.

Cahuita
Wederom een nieuwe zoektocht naar een optrekje, in het dorpje Cahuita vonden de dames gezellig plekje, een strand, golven en boards te huur. Nadat we de tassen gedumpt hadden zijn we direct naar t strand vertrokken om te surfen. Bij ‘Rasta’ aangekomen bleek dat er alleen fun en shortboards beschikbaar waren, maar bij gebrek aan beter doe je het met wat je wel kan krijgen. De golven waren zeker noordzee-waardig (lees slappe, korte golven) maar beter dan niets en als je je erbij neerlegt is het toch wel leuk met z’n 3en. Na het surfen hadden we een date met Jan en Ruta (die we van de Rancho kenden). Na een heerlijke maaltijd en lekker bijkletsen zijn we naar de plaatselijke bar gegaan, maar na 1 cocktail waren we al aardig aangeschoten en daarna te slaperig waardoor we om 9 uur alweer op bed lagen! We maakten een afspraak voor de volgende ochtend om te gaan surfen met z’n allen voordat wij de bus naar San José zouden nemen. Om 7h ging de wekker, we haalden Jan en Ruta en de eigenaar van de shop (woonde vlakbij) op en zijn lekker gaan longboarden (veel beter). Om 11 uur zaten we in de bus en rond 3 uur waren we weer terug in Gaudys hostal in San José. Nadeel aan Cahuita: in het hostal is er $100 uit m’n portomonnee gestolen, helaas kwam ik er pas in de bus achter L

Butterfly Garden
Eindelijk eindelijk eindelijk. Madeleine verheugde zich er al 20 dagen op maar op de laatste dag eindelijk gingen we naar de vlindertuin. De tuin is echt prachtig, alle soorten, kleuren en maten vlinders zijn er terug te vinden. We kregen een 2 uur durende rondleiding van een super enthousiaste tica waardoor we alleen maar meer respect voor deze prachtige beestjes kregen. Het resultaat is een berg met foto’s waar je U tegen kan zeggen. Na een paar in de stad was de laatste avond in zicht gekomen. Na een paar uur aanklooien hebben we uiteindelijk onze tassen maar ingepakt zodat we de volgende morgen relaxt konden vertrekken. Om 4h ging de wekker en om 5h vertrok Madeleine al. K3 was geen K3 meer. We vertrokken met de bus naar de airport waar we keurig op tijd in ons vliegtuig naar Lima vertrokken. En zo waren wij weer van Costa Ricaanse bodem en begon onze Zuid-Amerika trip.

Madeleine bedankt voor de armbandjes en de bedeltjes! Echt super lief! We dragen ze iedere dag.

Eindconclusie Costa Rica:
Een prachtig groen land met een waanzinnige diversiteit aan flora en fauna. Vriendelijke mensen en 1001 mogelijkheden om je te vermaken. We hebben in 3 weken een aardige indruk van het land gekregen, maar ook het idee dat we nog lang niet alles gezien hebben. Het is makkelijk en goedkoop bereisbaar per bus en de accomodaties zijn in iedere prijsklasse beschikbaar. Reizen tijdens het regenseizoen is goed te doen, het regent namelijk bijna iedere dag van het jaar wel een keer! Je koopt gewoon een paraplu. Surfen is beter in het surfseizoen, daar zaten wij niet in, maar toch hebben we ons prima vermaakt. De overvloed aan Amerikanen is te omzeilen en de bevolking spreekt vaak naast spaans ook engels. Om een lang verhaal kort te houden (niet mijn beste kant) Costa Rica rocks!

PURA VIDA


Suus en Kim

woensdag 2 december 2009

Photos Cuba finally online!

Hi everyone! We finally made a selection and found time to post our best cuba pictures. Of course we had some trouble making a small selection, so we ended up picking out more or less 90 pictures.. hope you'll enjoy them!

suus en kim

link:
http://s493.photobucket.com/albums/rr298/suuzz/

maandag 9 november 2009

de meiden op cuba

De meiden in Cuba.
Of is het op Cuba? Het is tenslotte een eiland, je zegt toch ook op Bali… Nou ja, whatever, jullie begrijpen wat ik bedoel.
Na het waanzinnige afscheidsfeestje vroegen we ons af of we niet gewoon bij al die geweldige mensen moesten blijven, onze vrienden en familie. Wat een supervet feest! We hebben echt zonder overdrijven ons beste feest ooit achter de rug. Jan Patat (Arthur), René, Patrick, de übercoole dj’s en iedereen die er was, thanks! Iedereen die het gemist heeft, echt jullie hebben wat gemist! Maar no pasa nada, we komen terug namelijk ;)­
Het vertrek op maandag 26 oktober vanaf Schiphol was surreal. Alsof we de week erna gewoon weer thuis zouden zijn, want ja, wanneer realiseer je je dat je echt een heel jaar weg blijft. Onze lieve ouders, broers, zussen en vriend waren zo lief om ons uit te zwaaien en dat maakte het er niet geheel makkelijker maar zeker wel leuker op. Door de douane waren we ineens alleen… Nadat we als allerlaatste het vliegtuig in stapten (btje te relaxt) hebben we een filmmarathon gehouden (lang leve eigen beeldscherm) en zijn we lekker door elkaar geschud dankzij de turbulentie.

La Havana
Na totaal 11 uur waren we aangekomen in een heel warm en plakkerig Havana. Onze Casa Particular in Havana Centro voorzag ons van een tosti waarna we een slaapmarathon gehouden hebben. De volgende dag begon onze verkenningstocht zoals gebruikelijk naar de supermarkt, de cadeca* en het Havana Vieja. Vol verwachting liepen wij rond op zoek naar het pure Havana. Na een dag rondlopen kwamen we tot de v olgende conclusie: het valt tegen. Ja je hoort het goed, deze 2 verwende reizigers vonden t tegenvallen. En waarom dan? A. Omdat oud Panamacity zeker niet onder doet voor oud Havana. B. Omdat iedereen hier wat van je wil en dat is GELD. En C. omdat je moet zoeken naar dat mooie, pure, doorleefde en sfeervolle Havana. Wij waren in de veronderstelling dat we in een soort openlucht museum vol vriendelijke mensen zouden belanden. Forget about it. Je wordt non-stop aangesproken, mee gevraagd, uitgenodigd voor drankjes die je vervolgens allemaal voor de hoofdprijs moet betalen en nagesist, gefloten en geroepen. Het mooie was dat dag 2 een stuk rooskleuriger verliep. We begrijpen inmiddels danzij een praatgrage duitser dat de mensen in Cuba het écht zwaar hebben en van belachelijk weinig moeten rondkomen, dat maakte het wel begrijpelijker maar tóch zijn wij van mening dat het niet werkt om op deze manier geld los te schudden uit de welwillende toeristen. We zijn op de toeristenbus (eindelijk rust) gestapt naar playa Sta. Maria waar we eerst een paar uur onder een palmboom zijn gaan liggen en zijn gaan zwemmen in het blauwste water dat je je maar kan inbeelden. Halverwege de terugweg zijn we gestopt bij Fortaleza waar waarschijnlijk het smerigste toilet ter aarde staat. Vervolgens zijn we rondjes gaan lopen in Havana Centro, wat stiekem mooier en ongerepter is dan Havana Vieja. De prachtige auto’s, deuren, tegeltjes, art deco panden, hekjes, balkons, noem maar op, alles is er. Het blijft bijzonder dat deze bouwwerken zelfs zonder onderhoud en restauratie in deze staat nog zo veel klasse uitstralen. Eerlijk gezegd is het beschamend dat wij momenteel zulke beroerde bouwwerken produceren en dat er vroeger beter en met meer flair gebouwd werd met minder middelen. Soms is vooruitgang achteruitgang. Dat terzijde valt er hier nog een hoop werk te verrichten. Na een siesta hebben we ons op het nachtleven gestort, maar geheel gedesillusioneerd op een terras neergestreken waar we een Mojito gedronken hebben terwijl er een 5 koppige grupo semi verplicht stond te spelen, met als klap op de vuurpijl de Chan Chan (Buena Vista Social Club).
(*) Cadeca is een casa de cambio (wisselkantoor) hier kun je je euro’s in de locale peso convertible wisselen.

Viñalis
Op dag 4 zijn we vertroken naar Viñalis, een dorp gelegen in een National Park waar het een oase van rust en prachtige natuur is. Wat een geweldige plek, gelegen in een dal met prachtige begroeide bergen, riviertjes en het Casa Particular van Gladys en Maceo. Als ik 1 ding mag aanraden in Cuba is het dit huis. Waanzinnig vriendelijke mensen, heerlijk eten en een laidback sfeer. Nadat we hier uit de bus gestapt zijn werden we getipt om naar een hotel te gaan met een zwembad met een waanzinnig uitzicht. Er was geen woord gelogen. Het was ook precies wat we nodig hadden, want ook hier is het heel warm en klam. Veel meer dan dat hebben we niet gedaan. Op de 2e dag hebben we een tour gedaan, een paardrij tocht van 5 uur door de bergen dwars door het nationale park, over de campo, waar de boeren nog werken met ossen en alles met de hand wordt geoogst. Een bezoek aan een sigaren plantage, uitkijkpunt, grot en meer van ca 10km doorsnede en een prachtige natuur geeft je een totaal ander beeld van Cuba dan je in eerste instantie verwacht. Super super mooi! Er moet wel even bij vermeld worden dat het voor zowel suus als kim min of meer de eerste keer op een paard was. En we voelen m, aiaiaiaiai. Maar absoluut voor herhaling vatbaar, zeker in zo’n prachtige omgeving. We voelden ons aan het einde van de tocht caballeras (ruiters), mag ook wel na 5 uur… ;) ’s avonds hebben wij ons gestort in het nachtleven, d.w.z. bij de enige bar hebben we naar echte cubaanse muziek geluisterd en stroefjes onze salsa shakes geupdate. Daarna zijn we naar de discotheca gegaan op het kerkplein waar we ons met gepaste schaamte de dansvloer op gesleurd hebben (jemig wat kunnen die cubanen dansen, allemaal…) Hier spelen en dansen de cubanen wel vanuit hun hart, het verschil is terug te vinden in het aantal kippevel momenten, whoeha! Toen de klok 1 uur sloeg vonden de cinderella’s t wel weer prima en zijn we wederom als een blok in slaap gevallen. De zoon van Gladys viel als een blok voor Kim, maar Kim bleef gewoon doorlopen wat resulteerde in een gebroken hart voor de Cubaan. Cuba – Holland NUL-EEN.
De volgende morgen zijn we zoals altijd vroeg op gestaan, hebben we een weer veel te groot ontbijt gegeten en zijn we met een volle maag richting ‘de dos hermanas’ gesjokt. Het was zoals altijd heet met veel zon, nul schaduw en nog minder wind. De 2 gezusters lagen zo’n 3km buiten het dorp, op zich niet veel bijzonders, ware het niet dat we na 2 stappen al zeiknat waren en het uiteraard, bergje op, bergje af was. Gelukkig krijg je van rum geen kater…. Halverwege de weg stopte er een busje, Kim sprak even met de chauffeur en riep me dat ik in moest stappen. Geheel verbouwereerd vanwege de overtuigingskracht van Kim stapte ik onder protest achterin het dichte kidnap busje en nam plaats naast kim en een onbekende cubaan op de reserve band die achterin het busje lag. In mijn hoofd speelde zich het volgende af: Ok, waarom doe ik dit, slecht idee, slecht idee, kim waar ben je in godsnaam mee bezig, suus, stommerd luister naar je gevoel, slecht idee, slecht idee, ok oplossing. 3 man, snelheid hard, deur? Ja deur, mooi, hendel, pff gaat wel hard, als dit maar goed gaat.. wat doe ik hier, waar gaan we heen, ok, chill, nix aan de hand, het zal wel goed zijn ofzo. Kim vroeg: ik hoef toch niet te betalen, want ik heb geen geld bij me. Ineens stopte het busje, Kim bedankte hartelijk, ik vond de hendel van de deur rapido en sprong eruit en vroeg aan Kim of ze wel helemaal jofel was. Waarop ze doodleuk antwoordde, hoezo? Heb je dat niet gehoord dan? Huh, wat gehoord zei ik. Nou, dat Gladys had gezegd dat als er iemand stopte langs de kant van de weg we gewoon moesten instappen. Ik had nog gevraagd, echt? Is dat niet gevaarlijk dan? Waarop zei antwoordde: Serieus, geen probleem. Vervolgens herinnerde ik kim dat ik net een hele berg euro’s in cuc’s* had omgewisseld waarna ze in lachen uitbarstte en zei: oepsie! Ik wist het echt niet meer, nou ja, het was wel vol overtuiging toch? Als je dacht dat dit het was dan nu het volgende, we liepen nog geen 400 meter verder richting de bergen en er stopte een super coole donkergroene, rood-geel gevlamde oldtimer naast ons met daarin een hele cubaanse familie gestouwd. We werder vriendelijk doch uitermate dringend verzocht in te stappen waarna we dat maar gedaan hebben. We bedachten ons nog net op tijd te vragen of ze wel de goede kant op gingen en dat werd bevestigd. Op de juiste plek werden we uit de auto gelaten en waren we ineens in no-time op plaats van bestemming. Foto’s gemaakt, rond gewandeld, beetje gekletst met een gids die voor het Nederlandse Djoser werkt en op de terugweg hebben we een lift gekregen van een heuze paard met wagen combinatie! Echt fantastisch!!! Als de rest van Cuba zo is, AMEN, ga zo door! Dikke pret in het hobbelwagentje met de eigenaar van het arme beesie en die man toch wat geld gegeven, al was het maar om dat paard te bedanken. Zo eindigde ons verblijf in Viñalis en namen wij de bus naar Baracoa via Havana en Santiago de Cuba.

Lekker met de bus
Het zou een lange reis gaan worden, dat wisten we al, toch zorgde de via-azul voor de nodige ‘gaat dit wel goed?’ momenten. Vanuit Viñalis naar Havana ging alles prima, beetje naar buiten kijken en kletsen met de overige reizigers. In Havana zouden we 30 minuten hebben om van bus te wisselen, maar dat zou geen probleem moeten zijn. Kim zorgde voor de tickets en ik voor de bagage. Kim kwam echter met de mededeling dat de bus van 6 uur naar Santiago de Cuba vol was. En de bus van 10 uur ook. Oh ja, en de bus van 6 uur was ook stuk. Dus. Op de vraag: En nu? Kwam het geruststellende antwoord. Je kunt hier wachten en dan zien wel. Na een kwartier kwam het ondernemende monstertje in kim bovendrijven en wist ze samen met een Cubaan een taxibusje te regelen voor de komende 12 uur. Terwijl we buiten zaten te wachten kwam er een man die ons cajitas (doosjes met locaal eten) wilde verkopen. Wij hadden echter geen honger en zeiden hem dat we al gegeten hadden. Na een kwartiertje doordrammen was hij verdwenen. Nog geen 10 minuten later kwam hij terug met een dienblad met cajitas die hij aan de nietsvermoedende cubaanse reisgenoot gaf die er vervolgens 10 minuten verbouwereerd mee bleef staan. Christine, een londense, nam het blad over….. ik was het inmiddels zat en pakte het blad en zette het in het hokje van de bewaking. De verkoper kwam terug en begon met hulp van Christine de boel in te pakken en wilde het meegeven. Ik herinnerde Christine eraan dat ze de bad-cop was en ze gaf het terug. Het bijna hillarische schouwspel duurde al met al een half uur maar we hebben gewonnen. Niets gekocht! 1-0 voor de toeristen! Uiteindelijk kwam James, een engelse gast met de mededeling dat we tóch met de bus mee konden, die meteen zou vertrekken. Inmiddels was het 8 uur en we werden rapido de bus ingeduwd, kregen een broodje ham en een cola en vervolgens ging het licht uit en werd er een slechte film aangezet. Vele donkere half slapende uren later kwamen we tot de conclusie dat we nog niet in Santiago de Cuba waren, maar al wel in de bus naar Baracoa hadden moeten zitten, gelukkig was de chauffeur zo hoffelijk om te inventariseren wie er naar Baracoa moest en had de betreffende chauffeur gesommeerd midden op de snelweg te stoppen zodat wij, half slapend op de snelweg van bus konden wisselen. Met een paar stops, waarvan één in de beruchte plaatst Guantanamo en 5 uurtjes slingerdeslang de bergen door kwamen wij aan in het idyllische Baracoa, waar Pedro met een bordje ‘Susan y Kim’ op ons stond te wachten.

Baracoa
Thuis bij Pedro en Betty in het idyllische Baracoa in het meest oostelijke puntje van Cuba. Heerlijk rustig, in de subtropen met een zeebriesje. Nadat we uiteraard weer een uitgebreide uitleg over alle schakelaars en knopjes gekregen hebben zijn we op verkenning gegaan en uiteindelijk in een baai bij de riviermond ‘Boca de Miel’ op het strand gecrashed. Helemaal versuft van de 22 uur durende busreis vanuit Viñalis hebben we hier na een fixe wandeling een duik genomen en wat met de locals gekletst. Uiteraard wilde ze ons weer van alles laten zien en verkopen maar we hebben ons redelijk kunnen inhouden. De volgende dag hebben we een taxi gepakt met een stel uit Slovenie en Michael uit Australië naar Playa Maguana, een prachtig wit zandstrand met palmbomen en een blauwe zee, je kent het wel. Vooral Michael heeft ons hart gestolen, een Amerikaanse leraar engels in Sydney van 64 die naar Australie geemigreerd is en zijn hele leven veel gereisd heeft. 66 Landen had hij al gezien en hij was nu voor 4 maanden op reis en Cuba was, net als bij ons, zijn 1e bestemming. Om het kort te houden, we hebben die dag niets gedaan en ’s avonds in de locale bar een drankje gedaan. We zouden het de volgende dag goedmaken namelijk. Half 9 ’s morgens in het kantoor van cubatours. Er zijn niet genoeg mensen om het Parque National Humbold te bezoeken, we kunnen wel naar El Yunque, een soort tropisch begroeide Tafelberg met uitzicht over de baai en de vallei. Met 9 personen zijn we de uitdaging aangegaan. Uiteraard was ik (suus) degene met de minste klimervaring en had het ook het zwaarst van de groep. De hoge luchtvochtigheid icm de temperatuur van ca 30 graden was best heftig. Maar eerlijk is eerlijk, het uitzicht was mooooooi. De duik in de rivier na afloop van de 4 uur durende tocht was wat mij betreft het beste deel van de dag, maar ja, ik ben ook meer een zeeschildpad (langzaam over land) en Kim een berggeit. Maar goed, gezien ze op dat Zuid Amerikaanse continent best wel wat bergen hebben (ik noem een Andes) denk ik dat ik er maar aan moet wennen…. We hebben ons na de tocht getrakteerd op een ijskoud colaatje op het terras in het dorp, wat geinternet* en na een heerlijke maaltijd van betty en een mojito van pedro zijn we weer naar de bar gegaan waar hetzelfde cubaanse bandje speelde, maar het wederom erg leuk deed. De volgende morgen zijn we weer vroeg opgestaan en naar het Playa Blanca gegaan, wat ook weer gelegen was in een National Park. Deze uiteraard lange wandeling was wederom de moeite waard, Het was een minutieus wit zandstrandje ergens in een uithoek achter een dorpje wat alleen via een houten geïmproviseerde brug te bereiken was, maar we hebben het gevonden! Na de wandeling zijn we de bus ingesprongen om via Santiago de Cuba de bus naar Trinidad te pakken.
(* internet is hier aardig duur en voor de cubanen verboden, men kan alleen een cubaans emailadres aanvragen, zodat ze post kunnen versturen en ontvangen, surfen is bij wet verboden)

Trinidad
Midden in het stadje Trinidad stopte de bus. We werden verzocht hier uit te stappen. Gelukkig stond daar Yvanca op ons te wachten om ons naar ons nieuwe huis te leiden. We zouden bij een buurvrouw slapen omdat haar huis plotseling langer verhuurd was. We kwamen terecht in een prachtig koloniaal huis met binnentuin waar we eerst ontbeten hebben. Om 9 uur hebben we een cocotaxi* genomen naar het strand, waar we een rally tegen de duitse Freddy met zijn taxi hadden.
Later die middag hebben we de japanner uitgehangen, zijn we naar het (uiteraard hoogste) uitkijkpunt over de vallei en stad gegaan, onderweg kwamen we vliegerende kinderen tegen wat een geweldig spektakel was icm de laaghangende zon veroorzaakte. (Helaas voor ons is Trinidad een enorm toeristische stad waar de locals de hele weg aan je vragen of ze je kleding, sieraden, euro’s, horloge, snoep, noem maar op mogen hebben. Binnen de korste tijd waren we zweeds, die hebben namelijk geen euro’s!) Met zonsondergang kwamen we op het hoogste punt uit, zodat we natuurlijk in het schemerdonker de uitermate steile weg op onze slippers naar beneden moesten vinden. Die avond hebben we onze eerste salsa les in het huis van Yvanca gekregen. In een uur hebben we de salsa cubano aardig onder de knie waardoor ze ons aanraadde om de volgende dag de 2e les te nemen zodat het zou blijven hangen. Vervolgens zijn we nog even naar Casa de la Musica gegaan, dit is een live muziek avond met zowel salsa-cubano als afro-cuban music op het dorpsplein waar iedereen op de antieke trappen zit en er door een aantal waaghalzen wordt gedanst. De volgende morgen hebben we eerst flink bijgeslapen en zijn vervolgens naar ‘El Cubano’ vertrokken, dit is een Nationaal Park waar je in een uurtje wandelen bij een waterval met natuurlijk zwembad uitkomt. Dit was helaas erg toeristisch, maar ons geluk was dat we later in de middag aankwamen en helemaal alleen in het park liepen. Bij het uitermate koude water aangekomen bleek dat er achter de waterval een grot was, zodra je achter de waterval kwam was het wel een beetje donker…..! Na een half uurtje kregen we gezelschap van een cubaans stel. Het bleek dat je een sprong in het water kon doen van een 3 meter hoog rotsblok, uiteraard moesten wij dat ook!!! Gewoon springen, dus! Vooral niet nadenken en eerst naar beneden kijken ;)
’s Avonds hadden wij onze 2e salsa les en leerden we ook een soort ‘casino’ een roulatie van partner tijdens het dansen! Het was even inkomen, maar waanzinnig cool! Na het harde werken zijn we gaan eten in een Paladar, een restaurant aan huis bij de locals. Bij ‘Estrela’ aangekomen stonden we ineens middenin een cubaanse huiskamer. We waren geneigd met een ‘perdoname’ weer naar buiten te gaan, maar eigenlijk wisten we wel zeker dat we bij het goede adres naar binnen waren gestapt. We werden gebaard verder te lopen, door de hal, keuken, naar een patio en vervolgens naar een binnentuin waar we enorm romantisch gedineerd hebben. (tsja, wisten wij veel…) maar een prachtige setting, goede maaltijd en vriendelijke mensen. We hebben de Canchanchara geprobeerd, een lokaal drankje met rum, honing, limoen en ijs. Dit is het typische drankje van Trinidad en nog lekker ook! Vervolgens hebben we bij Casa de la Musica gedanst en geluisterd naar muziek, wat eigenlijk nooit gaat vervelen. Het was voor de eerste keer half 1 voordat we gingen slapen!! Echt laat maken we het normaal nooit omdat we zo enorm moe zijn iedere avond. Het zal het klimaat wel zijn ofzo? ­
(* cocotaxi is een soort gemotoriseerde gele epoxy bal die als taxi fungeerd hier)

En weer terug naar Havana
Nadat we in Trinidad een uur op zoek geweest zijn naar brood en bij bakker nummer 5, die op zich al moeilijk te vinden was te horen kregen dat er pas over een uur weer brood zou zijn, hadden wij de moed opgegeven totdat er plosteling een mannetje op een fiets met een grote kartonnen Panasonic tvdoos voorbij kwam die brood bleek te verkopen. Dolgelukkig met ons uit de kluiten gewassen stokbrood liepen wij terug naar de casa waar om 9 uur de peugot taxibus voor de deur stond. Samen met een duitser en een local die uiteraard gratis mee liftte op onze kosten vertrokken wij naar Havana. Onderweg kwamen we langs een aantal controle posten waarbij we bij vragen moesten vertellen dat dit een vriendendienst was. Kortom dit was een illegale taxi. De afspraak met Yvanca was dat we tegen de zelfde kosten van de bus mee konden rijden met deze auto en we sneller in Havana zouden zijn. Best dachten wij. Onderweg kwamen we diverse ‘lift-haltes’ tegen, het is hier de normaalste zaak van de wereld met een groepje mensen langs de kant van de weg te gaan staan en iedere auto die een plekje over heeft die stopt hier zodat men een stukje mee kan rijden. Sommige haltes worden door mannetjes in gele hemdjes georganiseerd (soort klaar-over). In Havana aangekomen wilde meneer uiteraard meer geld dan afgesproken. Wij hielden echter voet bij stuk wat even voor een moment van frustratie zorgde, maar uiteraard hebben we wel gewonnen. Vermoeiend! In Havana begon het op dat moment te stortregenen waardoor we noodgedwongen een paar uur in de casa doorgebracht hebben, water regende overal naar binnen en de straten veranderden in één grote modderpoel. Toen het ook maar enigszins droog was zijn we een rondje gaan lopen en hebben we wederom bij een Paladar romantisch gedineerd bij neonverlichting. Vervolgens hadden wij onze zinnen gezet op een ijsje bij Copelia. Deze beste ijssalon van de stad bevond zich op ca 40 minuten loopafstand, wat tijdens het ‘de weg vragen aan de locals’ als onmogelijk werd bestempeld. Bij Copelia aanbeland troffen we 2 rijen aan van het formaat ‘efteling in de zomervakantie’. Welke rij voor wat was, was ons volstrekt onduidelijk, maar we hebben voor het gemak de korste van de twee gekozen. Na wat geklets met de 99,9% uit cubanen bestaande mede-wachtende bleek dat we in de rij voor beneden stonden. Het ijs zou verder hetzelfde zijn. Na het betalen van 5 nationale peso (zegge 20 eurocent) p.p. werden we voorzien van een schaal met 5 giga ijsbollen in een voor ons onbekende, maar niet onbeminde smaak. Na het ijsje, wat er prima inging na de wandeling kwam Kim op het idee om naar de aan de bioscoop te gaan. Er stond een film genaamd ‘La Ola’ (de golf) op het programma, deze, van origine, duitse film (die Welle) zou spaans ondertiteld zijn en werd getoond vanwege het internationale filmfestival dat in Havana plaatsvond. De kans op een goede film bleek klein, maar voor 2 cuc (€ 1,50) hadden wij een kaartje, die we 2 uur voor aanvang van de voorstelling kochten. Dit werd door de cassiere erg vreemd bevonden, maar wij hollanders voorzagen een rij die er uiteraard vlak voor aanvang van de voorstelling ook bleek te staan. Na een drankje bij een cafeetje en wat geblader in ons ‘Costa Rica-boek’ zijn we zonder verwachtingen naar een waanzinnig goede film gegaan. (google ‘die Welle’) Kim bleek deze film altijd nog eens te willen zien en ik was erg blij met de Duits gesproken film, zodat ik er ook nog wat van begreep! Volledig voldaan zijn we ‘huiswaarts’ gegaan. De volgende dag bestond uit een aaneenschakeling van interessante tegenvallers. De dag begon met een wekker die om nog onbekende reden niet gehoord is waardoor wij onze dag met een uur vertraging begonnen. Kim ging voor een ‘beste croissant van de stad’ in het klassieke ‘Hotel Inglaterra’ die er niet op het menu bleek te staan. Toen we vervolgens eindelijk bij het Museo de belles artes stonden die eindelijk open was bleek het cubaanse deel gesloten te zijn, waardoor we ook dit plan moesten laten varen. Vervolgens liepen we richting Callejon de Hamel, een zondagse life muziek en dans locatie van de Afro-cubaanse bevolking. Dit bleek een opzich, gezellig, kleurrijk en kunstzinnig bolwerk te zijn, wat helaas overladen was met toeristen en locals die je van alles wilden verkopen of afhandig wilden maken. Beetje jammer… na een lange wandeling en vele prachtige plaatjes later zijn we in de casa beland waar ik nu mijn blog bijschrijf, zodat ik deze morgen in San José, Costa Rica online kan zetten. Later deze avond hebben we nog een hapje en drankje gedaan met Michael, de Australische mega-reiziger en op tijd naar bed gegaan omdat de volgende morgen om 5 uur de wekker weer zou gaan.

Eindconclusie Cuba
Cuba is een goede backpackers locatie. Spaans spreken/verstaan is een absolute pre, je wordt op deze manier minder snel opgelicht. Accommodatie en voedsel is niet goedkoop en de keuzes zijn beperkt. Het land is veilig, zelfs voor 2 meiden op reis. Je moet je alleen wel realiseren dat je echt een stap terug in de tijd neemt. Alles is oud, gaar en doet het met wat je kan krijgen. De locals en de toeristen zijn echt 2 verschillende dimenties.
In een paar zinnen zit het leven van de cubanen als volgt in elkaar.
Scholing, medische voorzieningen en werk wordt vanuit de staat voorzien. Daarvoor betaal je veel, heel veel belasting. Ongeacht je opleiding zul je nooit rijk worden en je mogelijkheden blijven beperkt. Reizen is voor de meeste cubanen onmogelijk. Als je als cubaan koeienvlees eet krijg je 5 jaar gevangenisstraf. Ook melk, vis en schaaldieren zijn een no-go voor de cubanen. Alle oude Amerikaanse auto’s zijn eigen bezit en worden daarom goed onderhouden. Alle overige voertuigen zijn eigendom van de staat en in bruikleen, deze worden geerft door de kinderen in het gezin. De helft van alle cubaanse huwelijken houdt geen stand, dit heeft met de latino-spirit te maken…. Zeg maar. Sigaren, rum en rijst met bonen zijn over het algemeen goed verkrijgbaar ;) En ja, volgens ons kan iedere cubaan dansen en muziek maken :)!